Na een flinke storm ligt het strand er vaak bezaaid mee. Mosselschelpen, kokkels, slakkenhuisjes. De meeste wandelaars lopen er achteloos langs. Kinderen rapen de mooiste exemplaren op en stoppen ze in hun jaszak. Niemand denkt erbij na dat deze dieren afstammen van een geslacht dat ooit de grootste ramp uit de geschiedenis van het leven wist te overleven.

Die ramp voltrok zich ongeveer 252 miljoen jaar geleden. Wetenschappers noemen haar de Perm-Trias-extinctie, maar de bijnaam spreekt meer tot de verbeelding: de Great Dying. Vrijwel al het leven in zee verdween. Naar schatting stierf 96 procent van de mariene soorten uit. Ook op het land ging het mis: ongeveer zeven op de tien gewervelde diersoorten verdwenen.

Wat was er gebeurd?

In het gebied dat nu Siberië heet, barstten gigantische vulkanen uit. Ze spuwden miljoenen jaren lang enorme hoeveelheden broeikasgassen de atmosfeer in. De aarde warmde op, de oceanen werden heter, het zuurstofgehalte in het water daalde en de zee verzuurde. Voor talloze dieren veranderde hun leefomgeving in een plek waar overleven bijna onmogelijk werd.

Toch verdween niet iedereen.

Waarom bleven sommige dieren bestaan, terwijl andere voorgoed van de aardbodem verdwenen? Die vraag houdt paleontologen al tientallen jaren bezig. Onderzoekers van Stanford University denken nu een belangrijk deel van het antwoord te hebben gevonden, en dat antwoord zit niet in scherpe tanden, stevige schalen of een slim verdedigingsmechanisme. Het zit diep in het lichaam van het dier zelf: de stofwisseling.

De stofwisseling bepaalt hoeveel energie een dier nodig heeft om te groeien, zich voort te planten en simpelweg in leven te blijven. Daarvoor is zuurstof nodig. De onderzoekers wilden weten hoe verschillende diergroepen reageren wanneer het water warmer wordt en er minder zuurstof beschikbaar is.

Daarom onderzochten ze levende zeedieren in speciale meetkamers. Ze maten hoeveel zuurstof de dieren verbruikten en verhoogden daarna stap voor stap de temperatuur van het water. Zo konden ze zien welke dieren het best bestand waren tegen omstandigheden die lijken op die van 252 miljoen jaar geleden.

De resultaten waren opvallend. Oude diergroepen, zoals armpotigen en zeelelies, bleken kwetsbaar. Hun zuurstofbehoefte nam sterk toe zodra het water warmer werd, terwijl hun lichaam zich moeilijk aanpaste aan de veranderende omstandigheden. Veel van deze dieren verdwenen dan ook bijna volledig uit de oceanen.

Heel anders verliep het bij de voorouders van de dieren die we vandaag nog overal tegenkomen. Mosselen, kokkels, slakken en zee-egels beschikten over een stofwisseling die beter met de veranderingen kon omgaan. Hoewel ook zij zuurstof nodig hadden, konden hun lichamen zich gemakkelijker aanpassen aan warm en zuurstofarm water. Dat gaf hen precies het voordeel dat nodig was om de grootste crisis uit de geschiedenis van het leven te doorstaan.

Misschien verklaart dat ook waarom een wandeling langs de Nederlandse of Belgische kust er vandaag zo uitziet als hij eruitziet. De schelpen onder onze voeten behoren niet tot de verliezers van de evolutie, maar tot de nazaten van een handvol uitzonderlijke overlevers. Hun voorouders maakten een ramp mee die het leven op aarde bijna tot stilstand bracht.

Het onderzoek werpt ook een blik op de toekomst. Door menselijke uitstoot van broeikasgassen warmen de oceanen opnieuw op. Net als miljoenen jaren geleden neemt het zuurstofgehalte af en verzuurt het zeewater. Dat betekent niet dat een nieuwe massa-extinctie onvermijdelijk is, maar het laat wel zien dat niet alle dieren even goed tegen zulke veranderingen bestand zijn.

Juist daarom is dit onderzoek zo waardevol. Hoe beter wetenschappers begrijpen welke soorten kwetsbaar zijn, hoe gerichter ze maatregelen kunnen nemen om mariene ecosystemen te beschermen. De geschiedenis laat zien dat de natuur zich kan herstellen, maar ook dat zo’n herstel miljoenen jaren kan duren.

De volgende keer dat je een mosselschelp opraapt, houd je dus meer vast dan een mooi stukje strand. Je kijkt naar een afstammeling van een dier dat een van de donkerste hoofdstukken uit de geschiedenis van het leven wist te overleven.

bron: